Alcohol in het verkeer : alcoholintoxicatie, rijden onder invloed of dronkenschap?
3
okt

Alcohol in het verkeer : alcoholintoxicatie, rijden onder invloed of dronkenschap?

De Wegverkeerswet bepaalt dat er sprake is van ‘alcoholintoxicatie’ of ‘rijden onder invloed’ indien men op een openbare plaats een voertuig bestuurt terwijl de ademanalyse een alcoholconcentratie van ten minste 0,22 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht meet (i.e. 0,5 gram per liter bloed). Voor professionele bestuurders bedraagt de limiet 0,09 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht (i.e. 0,2 gram per liter bloed).

De wet voorziet geen definitie van ‘de staat van dronkenschap’. In de rechtspraak wordt de staat van dronkenschap evenwel omschreven als “de staat van iemand die wegens het innemen van alcoholische dranken zijn daden niet meer bestendig onder controle heeft”.

Alcoholintoxicatie en dronkenschap dienen aldus wel degelijk van elkaar te worden onderscheiden. Daar waar men immers op objectieve wijze aan de hand van een adem- of bloedanalyse kan vaststellen of er sprake is van alcoholintoxicatie, is de staat van dronkenschap een feitenkwestie die op soevereine wijze door de rechter beoordeeld wordt. De rechter zal zich hierbij baseren op de vaststellingen van de politiediensten opgenomen in het proces-verbaal. Belangrijk in dat kader zijn (onder meer) de vaststellingen omtrent de spraak, de gang, de oriëntatie in tijd en ruimte en het algemeen voorkomen van de betrokken bestuurder.

Gelet op het voorgaande is het aldus perfect mogelijk dat een bestuurder de wettelijk toegelaten alcoholconcentratie heeft overschreden (alcoholintoxicatie) zonder dat hij in een staat van dronkenschap verkeert. Andersom is het eveneens mogelijk dat iemand in een staat van dronkenschap verkeert zonder dat er sprake is van alcoholintoxicatie. Het effect van alcohol verschilt immers van persoon tot persoon.

*

Het onderscheid tussen alcoholintoxicatie en dronkenschap is op twee gebieden van essentieel belang.

Vooreerst wordt dronkenschap zwaarder bestraft dan alcoholintoxicatie. Voor het besturen van een voertuig in een staat van dronkenschap zal men immers steeds gedagvaard worden voor de politierechtbank, en zal men bestraft worden met een geldboete van 1.200 tot 12.000 euro én een verplicht rijverbod van minstens een maand.

In geval van alcoholintoxicatie zal men daarentegen niet altijd voor de politierechtbank moeten verschijnen. Afhankelijk van de omstandigheden zal er bij lagere alcoholconcentraties immers worden overgegaan tot een onmiddellijke inning of een minnelijke schikking. Bovendien wordt alcoholintoxicatie in principe enkel bestraft met een geldboete van 150 euro tot 3.000 euro, tenzij de alcoholconcentratie ten minste 0,35 milligram per liter uitgeademde alveolaire lucht meet (i.e. 0,8 gram per liter bloed), in welk geval de wet een geldboete van 1.200 tot 12.000 euro voorziet. Anders dan bij dronkenschap is de rechter in geval van alcoholintoxicatie overigens niet verplicht om een rijverbod op te leggen.

Het onderscheid tussen dronkenschap en alcoholintoxicatie is daarnaast eveneens van belang  in het kader van een eventuele terugvordering (regres / verhaal) door de verzekeringsmaatschappij van de schadevergoeding die zij aan het slachtoffer heeft uitbetaald bij een ongeval waar de verzekerde in fout is.

De verzekeringsmaatschappij die een schadevergoeding heeft uitbetaald aan het slachtoffer zal de gelden die zij heeft uitbetaald immers enkel van haar verzekerde kunnen terugvorderen indien haar verzekerde het ongeval heeft veroorzaakt door het rijden in een staat van dronkenschap. Indien er louter sprake is van alcoholintoxicatie beschikt de verzekeringsmaatschappij niet over een dergelijk regresrecht.

Het veroorzaken van een ongeval door het rijden in een staat van dronkenschap kan aldus vergaande financiële gevolgen hebben. In dat kader dient wel opgemerkt dat de wetgever het bedrag van de regresvordering door de verzekeringsmaatschappij (gelukkig) beperkt heeft tot een maximum van € 30.986,69.

*

Alcoholintoxicatie en dronkenschap zijn twee van elkaar te onderscheiden begrippen. Daar waar men op objectieve wijze aan de hand van een adem- of bloedanalyse kan vaststellen of er sprake is van alcoholintoxicatie, is de staat van dronkenschap een feitenkwestie die op soevereine wijze door de rechter beoordeeld wordt. De rechter zal zich hierbij baseren op de in het proces-verbaal opgenomen vaststellingen van de politiediensten omtrent (onder meer) de spraak, de gang, de oriëntatie in tijd en ruimte en het algemeen voorkomen van de betrokken bestuurder.

Het onderscheid tussen dronkenschap en alcoholintoxicatie is van essentieel belang. Dronkenschap wordt immers niet alleen zwaarder bestraft dan alcoholintoxicatie, bij het veroorzaken van een ongeval door het rijden in een staat van dronkenschap heeft de verzekeringsmaatschappij bovendien het recht om (een gedeelte van) de schadevergoeding die zij aan het slachtoffer heeft uitbetaald terug te vorderen van haar verzekerde.